Koninklijke Marechaussee
Ommen.
De brigade Ommen werd uitgezet op 1 oktober 1890 en opgeheven op 1 maart 1943.


Marechausseekazerne Ommen.


Personeel brigade Ommen waarschijnlijk met de viering van een jubilea.

Meierijsche Courant, Donderdag 7 Augustus 1902
Men seint uit Ommen:
De marechaussee Hoekstra is gisterenavond door een strooper doodgeschoten. De dader, een polderwerker is gearresteerd.
Van andere zijde vernemen wij, dat de dader bezig was te stroopen en ziende dat hij op heterdaad betrapt werd, een schot loste dat Hoekstra in de borst trof. Spoedig was deze een lijk.
Omtrent den alhier gepleegden moord op den marechaussee Hoekstra kan nog het volgende worden gemeld: Door de vele hier aanwezige polderwerkers aan de lijn van den Noord-Ooster Locaalspoorweg, worden in deze Bosch- en wildrijke streken dikwijls jachtovertredingen gepleegd. De marechaussees Hoekstra en de Lange, een paar flinke en actieve jongelieden, die vrij van dienst hadden waren gisterenavond uitgegaan om strooperijen tegen te gaan.
Ongeveer 8½ uur troffen zij in de buurt van de spoorbrug over de Regge, in de buurtschap Giethmen, drie stroopers aan, waarvan de eene zich ontdekt ziende, zich omkeerde, op den marechaussee Hoekstra aanlegde, en deze een schot hagel op een afstand van 8 à 10 meter in de borst gaf. De Lange den dader achtervolgende, keerde op het gekerm van zijn kameraad naar dezen terug, die nog overeind stond, doch spoedig daarna onder den uitroep: “de Lange, ik sterf”, ineenzonk.
Spoedig werd de getroffene per as naar hier vervoerd, waar dr. Warnsinck direct ter plaatse was. Hulp kon echter niet meer baten: hart, long, lever en maag waren door ruim 60 hagelkorrels doorboord, zoodat de dood spoedig intrad.

Groot was de verslagenheid hier onder de ingezetenen, toen men vernam, dat een ijverig ambtenaar in de vervulling van zijn plicht zoo vreeselijk werd getroffen.

Oogenblikkelijk maakte de burgemeester werk van de zaak. Des nachts werden achtereenvolgens in een polderkeet een 5-tal verdachten gearresteerd. De moordenaar, zekere Jacobus van Groese, oud 24 jaren, polderwerker, wonende te Wagenberg (Noordbrabant), heeft reeds bekend. De politie moest den moordenaar tegen de woede van het publiek in bescherming nemen.
Bron: Stichting Historisch Genootschap Valkenswaard.

 

 (foto uit 1927)
(fotoarchief Henk Oosting).