Koninklijke Marechaussee
Brigade Dussen.
 

De brigade Dussen werd uitgezet op 15 april 1889 en opgeheven op 1 mei 1924.


(fotoarchief van Henk Oosting)


In 1885 waren in Dussen in verband met het graven van de Bergsche Maas een 600-tal grondwerkers in volksketen ondergebracht. Dit ketendorp  was opgetrokken nabij de graafwerkzaamheden onder Dussen, en naast het werkvolk waren ook voorlieden en waterstaatingenieurs met hun gezinnen in tijdelijke woningen in dit dorp ondergebracht. Het bracht heel wat  te weeg in het voordien zo rustige Dussen. Zo is bekend dat het aantal  kinderen op de katholieke meisjesschool bij de zusters in het Rommegat met zo’n dertig procent toenam, iets wat op de jongensschool niet anders geweest zal zijn.  De aanwezigheid van zoveel vreemd – doch soms ook weerbarstig en ruw volk leidde echter ook tot excessen. Vooral op zon- en feestdagen waren dronkenman- en vechtpartijen aan de orde van de dag en met name in en  rondom de cafés in het dorp ging men regelmatig met elkaar op de vuist of erger. Na herhaalde verzoeken en aanschrijvingen van de  Burgemeester van Dussen werden uiteindelijk in 1889 drie marechaussees  te voet in Dussen gestationeerd die in 1899 een brigade te paard gingen vormen.  Ze verbleven in eerste instantie bij landbouwer Govert van der Beek,  maar toen diens woning aan de Baan (A60) door brand werd verwoest,  werd het herenhuis van Middelkoop in het Binnen naast de Hervormde  Kerk in november 1896 als kazerne ingericht. Hoewel het oorspronkelijk de bedoeling was  dat de marechaussees maar tijdelijk in Dussen zouden blijven, werd de  brigade pas in 1924 opgeheven. De Dussense marechaussees hebben gedurende die periode onder leiding gestaan van elf verschillende commandanten.
tekst van
Ton Lensvelt, Dussen(8-5-2011)